Ik heb een moeilijke nacht op de planken beddenbak, want mijn voeten worden en blijven koud. Na een veel te levendige droom over slangenbeten en slangen eten word ik eindelijk definitief wakker. Het is 8u en de meeste van de 20 overnachters zijn al up and about. Mijn voeten zijn nog steeds koud en ik heb weinig zin om te bewegen. Ik overtuig mezelf, pak in sneltempo weer alles in, eet mijn laatste honingbrood en ga op weg voor de anderen.
Na bijna een uur wandelen zijn de stramme knieen en de ijsvoeten verdwenen, en ik kom bij de sidetrack naar Lake Will en ga die weg op. Het meer is mooi, met een goed zicht op die eeuwige Barn Bluff, maar de overtrokken hemel maakt alles een beetje grauw. Terug aan het hoofdpad gekomen pauzeer ik kort, en ik praat wat met een Indisch-Amerikaans koppel dat net dan toekomt aan de sidetrack.
Lake Will is bloedmooi maar het weer is grauw

Zicht vanop een ministrandje

Daarna passeert een fris uitziende gids voor de touroperator die geleide wandelingen over de Overland Track organiseert, naar verluidt voor 2500$ per persoon. Ik vertel haar zonder nadenken dat ik waarschijnlijk sneller zal moeten gaan omdat mijn voedselvoorraad te snel slinkt, en even later biedt ze me een 6granenbrood van de organisatie aan. Ik bedank haar hartelijk, na vijf keer vragen of ze wel zeker is, en eet weer een honingboterham eens ze wegwandelt.
Ik vervolg mijn weg naar de hut bij het adembenemende Lake Windermere, en kom daar toe rond half 1. Ik heb de keuze om te blijven of te proberen de New Pelion Hut, 5u wandelen ver, te bereiken. Daar ik me de vorige namiddag wat verveeld heb, ga ik op pad. Na een half uur begint het te druppelen, en ik probeer mezelf wijs te maken dat het wel vlug zal overwaaien. Ik krijg niet koud, want ik eet veel kleine snacks en ik beweeg goed.
Lake Windermere vanuit de verte

Lake Windermere van iets dichterbij

Na ruim een uur van dattum bereik ik een naamloze lookout point over een fantastische vallei, en de regen stopt even. Wat verder, in Pine Forest Moor, begint het weer te regenen, wat het een bijzonder moeilijk doorstapbaar terrein maakt. Ik kom een ranger genaamd Jennifer tegen die in de tegenovergestelde richting wandelt en me meewarig aankijkt, want ik ben in beide richtingen uren van een hut verwijderd en ik heb niks waterdichts aan.
Lookout point

Lookout point

In het tweede bos begint de regen pas echt door te slaan, en ik lach mezelf en mijn overmoed wat uit. Ik blijf echter goedgemutst, al ben ik onderhand doornat geworden. Ik kom een piepklein platformpje bij een kreek tegen, en hoop dat dat de 'camping' Frogs Flats is. Dat zou namelijk betekenen dat ik sneller dan gedacht vooruitga, en maar anderhalf uur van New Pelion Hut verwijderd ben. Een uur later informeert een tweede rangervrouw me dat ik binnen 2min aan Frogs Flats zal toekomen. Ik vloek de hemel toe en pauzeer eventjes.
Ik ben doorweekt alsof ik onder een douche sta, en beslis van trui en T-shirt te wisselen. Het druppelt namelijk even in plaats van te gieten, en ik neem die gelegenheid te baat. Mijn rugzak is duidelijk niet waterdicht, want al mijn kleren zijn al dampig tot nat. Ik zoek de 2 droogste T-shirts en de droogste trui uit, en wissel van tenue. Een dikke wallaby bekijkt mijn halfnaaktheid, maar hij is vast meer geinteresseerd in mijn rice krispies.
Even later ben ik voorlopig droog, en ik ga opnieuw op weg. Het pad dat ik moet volgen is een grote opeenvolging van plassen met rotsen en boomwortels als afgrenzingen. Ik ben er meer dan 3u in geslaagd mijn schoenen droog te houden, maar hier is dat gewoon onmogelijk.
Het pad na ongeveer 3u regen

Na een uur is de regen doorgedrongen tot aan mijn onderste T-shirt. Eindelijk zie ik mijn bestemming aangeduid bij de kruising die naar de Old Pelion Hut leidt. De laatste 15min droom ik van cherry pies candy bars and chocolate chip cookies, en nog meer van warmte en droogte. In dat laatste kwartier stopt de regen eventjes, maar een minuut voor mijn aankomst bij de hut begint het opnieuw te storten.
Op de droge momenten stomen de wouden van de waterdamp

Dit is het enige stukje blauwe hemel dat ik die dag zie

New Pelion Hut is echter gevuld met al even dampende mensen, en de lucht is kil en vochtig. Er is wel nog plaats in de gigantische hut, maar de temperatuur blijft dalen want het gas voor de noodverwarming is op. Intussen zoek ik naar de paar kledingstukken die nog grotendeels droog zijn, en ik kruip gekleed in mijn vuile en natte slaapzak. Ik dwaal nog wat rond om op te warmen, en krijg warm water aangeboden van drie dames in de zestig. De thee warmt me amper op, en heel wat rice krispies later ga ik slapen.
Vertrek: 8u45
Aankomst: 18u30
Afstand: 7.75 + 16.75 + 3 (etappe 2, etappe 3, sidetrack Lake Will)